VRAAG

Ik heb een vraag, puur uit nieuwsgierigheid. Maar zal deze eerst inleiden met voorafgaande gedachten. Als je je vlakke hand uit het raampje van je auto steekt en loodrecht op de rijrichting houdt, ervaar je een forse weerstand van de lucht. Naarmate je de arm verder strekt, wordt de kracht die je moet zetten om je hand op dezelfde plaats te houden aanmerkelijk moeilijker om op te brengen. Het krachtmoment neemt toe op dezelfde manier als wanneer je een deur probeert dicht te duwen ter hoogte van waar de scharnieren vastzitten in plaats van bij de greep.

Hier moest ik vanmorgen aan denken toen ik een lepelaar zag overvliegen. De strakke gestroomlijnde vorm van vogels die veel vliegen is niet voor niets zo gevormd door de evolutie. Hoe minder de weerstand, hoe minder energie je verbruikt tijdens de vlucht. Bij een reiger of een ooievaar begrijp je gelijk dat het speervormige uiterlijk van de kop handig is bij het vlot pakken (soms zelfs spiesen) van een visje of een amfibie of klein zoogdier. Ze eten zoals ze gebekt zijn. Vliegen met een dergelijke snavel kan dan ook prima gracieus, want de lucht wordt letterlijk door de snavelpunt gekliefd, met uiterst lage weerstand.

Komen we weer bij die vliegende lepelaar… Gracieus kun je het niet noemen. Eerder grappig en zeer zeker aangepast aan de manier waarop hij zijn voedsel verzamelt. Het snaveluiteinde is uiterst gevoelig en al voelend verzamelt hij met zijn 'lepel' (spatelvormige verbreding aan het einde van de horizontaal afgeplatte snavel) vanaf en uit de bodem kleine eetbare diertjes zoals visjes en andere waterdieren, slakken en insecten. Maar als hij vliegt heeft het iets slungeligs. Niet alle vogels vliegen even mooi.

En dan nu mijn vraag (even los van het feit waarom hij als trekvogel niet inmiddels in het Zuiden is): Hoe kijkt een lepelaar tijdens het vliegen naar beneden om te zien hoe de wereld onder hem verglijdt. Kantelt hij zijn kop naar links dan wel rechts, of kantelt hij hem voorwaarts naar beneden. Dat laatste lijkt logisch voor ons. Zeg maar zoals wij naar onze schoenen kijken. Alleen zal dan het weerstand bieden aan de plots optredende luchtweerstand op die lepel een (te) grote inspanning vergen van de nekspieren. De ooginplanting in de schedel van lepelaars is van dien aard dat ze voornamelijk zijdelings kijken, (ze hoeven hun voedsel onder water dankzij de gevoelige snavel niet te zien maar wel hun naderende vijanden), dus kantelen naar rechts of links lijkt het meest logisch? Of nemen ze af en toe een nekverrekking op de koop toe...

Jan Anne Schoonhoven, dierenarts

19 december 2017