Laboratorium

Analytische ApparatuurHet VCHN beschikt over een geheel eigen laboratorium in Middenmeer. Daar kunnen we snel en betrouwbaar een verscheidenheid aan analyses op bloed, ontlasting, urine en huidafkrabsels uitvoeren.

Voor minder vaak voorkomende en zeer uitgebreide onderzoeken werken we samen met diverse gecertificeerde laboratoria.

 

Bloed

 

Op alle vestigingen van het VCHN wordt door de dierenartsen bloed afgenomen. Daarna wordt dit ter plaatse onderzocht of naar het hoofdgebouw in Middenmeer gebracht.

 

Onderzoek op bloed is vaak uitermate zinvol om een diagnose bij een dier met klachten te vinden of te bevestigen. Te denken valt bijvoorbeeld aan suikerziektenierfalen, leverzwakte of een niet goed werkende schildklier of bijnier

 

De gevonden bloedwaarden geven ook inzicht in de ernst van de aandoening en zijn te volgen om het resultaat van een ingestelde behandeling objectief te meten.

 

Regelmatig doen we screenings. Dit zijn standaard 'zoektochtjes'. Vooral bij de wat ouder wordende dieren, of bij een vermoeden van erfelijke belasting. Zo kunnen we vroegtijdig afwijkingen in de functies van organen opsporen via afvalstoffen, orgaan-enzymen en hormonen. Het liefst vóórdat er daadwerkelijk klachten optreden bij het dier.

 

 

Ons laboratorium wordt ook gebruikt voor gynaecologie en vruchtbaarheidsbegeleiding van teef en poes. Voor het bepalen van het juiste moment van dekken of insemineren via een bloedtest, kunt u bij ons een afspraak maken.

 

Ontlasting

 

In het laboratorium doen we microscopisch onderzoek op ontlasting. Om te bepalen of er parasieten in de darm zitten van uw huisdier, zoeken we naar hun nageslacht (eitjes). Deze reist mee met de ontlasting op weg naar de buitenwereld.

 

Omdat wormen en andere parasieten niet iedere dag eieren in de ontlasting laten meereizen, moet we daar rekening mee houden. We vragen u daarom, verspreid over drie dagen, wat ontlasting te verzamelen en tussentijds in de koelkast te bewaren.

 

Urine

 

Er bestaan verschillende onderzoeken op de urine van uw huisdier, afhankelijk van de aandoening.

 

Urineweginfecties

 

In de urine van huisdieren met een infectie van de urinewegen zitten ontstekingscellen en vaak ook bloed. Tevens kan de zuurtegraad worden bepaald. Hiervoor gebruiken we de zogenaamde 'stick-methode'. Ook wordt er microscopisch gezocht naar eventuele kristallen, als oorzaak voor de problemen.

 

Hiertoe wordt de urine in een centrifuge 'afgedraaid' en onder de microscoop wordt, na afgieten, het overblijvende sediment bekeken. Omdat er verschillende soorten kristallen bestaan, met elk hun eigen dieet om verdere vorming te voorkomen, worden de gevonden kristallen getypeerd naar aantal, vorm, model en zuurtegraad van de urine waarin ze zijn ontstaan.

 

Nierfalen

 

Bij nierfalen is de urine vaak wateriger. De concentratie aan uitgeplaste stoffen, de dichtheid, wordt gemeten, om te zien of de nieren nog voldoende werken.

 

Nierfalen in het allervroegste stadium geeft nog geen klachten en geen afwijkingen in het bloedbeeld. In de urine zijn dan al wel veranderingen te vinden.

 

Deze zijn de eerste aanwijzingen dat er een nierprobleem op komst is en ingrijpen in dit vroege stadium is dan goed mogelijk. Daartoe onderzoeken we de urine van dieren boven de zeven à acht jaar, zie voor verdere informatie in de rubriek (Op) leeftijdbegeleiding bij de gezelschapsdieren hond of kat.

 

Huid

Bij het vermoeden van huidparasieten, zoals demodex, schurft of schimmels, onderzoeken we microscopisch wat huid. Dit verzamelen we door een afkrabsel van de huid te nemen.

Bij het vermoeden van een schimmelinfectie van de huid, wordt er een kweek ingezet die gedurende veertien dagen wordt gevolgd.